Eiser is sinds 22 februari 2013 eigenaar van een woning in Groningen en heeft een aanvraag ingediend voor een waardedalingsvergoeding vanwege aardbevingen. Verweerder, het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG), wees deze aanvraag af omdat volgens hun berekeningen geen significante bevingen met een grondsnelheid van minimaal 2,9 mm/s op het perceel hadden plaatsgevonden sinds het eigendom van eiser.
Eiser betwistte de onderbouwing en stelde dat niet alle relevante bevingen waren meegenomen en dat de data niet volledig was verstrekt. De rechtbank oordeelde dat IMG onvoldoende inzicht had gegeven in de gebruikte gegevens en dat het bestreden besluit een motiveringsgebrek vertoonde. Het verweer dat eiser zelf met openbare tools de gegevens kon berekenen, werd niet aanvaard.
Desondanks concludeerde de rechtbank dat er feitelijk geen bevingen waren geweest die de grenswaarde overschreden en dat fysieke schade aan de woning niet automatisch leidt tot waardedaling. Daarom werd het beroep gegrond verklaard vanwege het motiveringsgebrek, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven in stand. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.