Uitspraak
Beschrijving inrichting
Productieproces
Ontstaan van vezels
Classificatie SiC-vezels
Eigenschappen
Carcinogeniteit vezels
Bescherming volksgezondheid
Berekeningen en metingen van emissies en immissies
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een voorlopige voorziening tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten Groningen om de omgevingsvergunning van verzoekster te wijzigen met betrekking tot emissie van stof en zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), waaronder SiC-vezels, bij de productie van siliciumcarbide. Verzoekster betwist de bevoegdheid van verweerder tot het opleggen van maatwerkvoorschriften en stelt dat de verplichte inpandige opslag en werkzaamheden onuitvoerbaar zijn binnen de gestelde termijnen.
De voorzieningenrechter overweegt dat nader onderzoek nodig is en dat het verzoek om voorlopige voorziening zich richt op het voorkomen van onomkeerbare gevolgen. Er is twijfel over de bevoegdheid van verweerder om maatwerkvoorschriften op te leggen op grond van artikel 2.4, achtste lid, van het Activiteitenbesluit, omdat SiC-vezels onder het fijnstof in de BREF LVIC-S vallen, waarvoor BBT-conclusies gelden. Daarnaast is het niet aannemelijk dat de inpandige opslag en werkzaamheden binnen de termijnen haalbaar zijn zonder grote kosten en negatieve gevolgen voor de bedrijfsvoering.
De voorzieningenrechter concludeert dat het bestreden besluit naar voorlopig oordeel geen stand houdt en dat het spoedeisend belang van verzoekster is gegeven. Daarom wordt het besluit geschorst tot zes weken na uitspraak in de hoofdzaak. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het bestreden besluit met maatwerkvoorschriften wordt geschorst tot zes weken na uitspraak in de hoofdzaak.