De zaak betreft een geschil tussen huurders en eigenaren van een beneden- en bovenwoning over het herstel van rookkanalen die tijdens verbouwing zijn verwijderd, waardoor de benedenwoning niet meer verwarmd kan worden met gaskachel en geiser.
Eisers, eigenaren van de bovenwoning, werden door het hof veroordeeld om binnen twee weken een voorstel te doen voor herstel of alternatieve verwarming met isolatie, met dwangsommen bij niet-nakoming. Eisers deden een voorstel, maar zonder bereidverklaring om eventuele extra energiekosten te compenseren, zoals vereist.
Gedaagde, huurder, stelde dat eisers niet voldeden en liet de dwangsommen oplopen tot het maximum, waarna hij beslag legde op een bankrekening van een van de eisers. De voorzieningenrechter oordeelde dat eisers niet volledig aan het arrest voldeden vanwege het ontbreken van de bereidverklaring, maar dat gedaagde misbruik maakte van zijn executierecht door bewust te wachten met reageren om dwangsommen te incasseren.
De rechtbank verbiedt executie van de dwangsommen en heft het beslag op, veroordeelt gedaagde in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.