Uitspraak
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Noord-Nederland
Eisers hebben schade aan hun woning veroorzaakt door bodembeweging als gevolg van mijnbouwactiviteiten gemeld en een aanvraag tot schadevergoeding ingediend. Verweerder, het Instituut Mijnbouwschade Groningen, wees deze aanvraag af op basis van adviesrapporten van onafhankelijke deskundigen die andere oorzaken voor de schade aannamen.
De rechtbank beoordeelt het beroep van eisers tegen deze afwijzing en onderzoekt of het bewijsvermoeden van artikel 6:177a BW door verweerder is weerlegd. Eisers betwisten de deskundigenrapporten, onder meer vanwege onjuiste aannames en onvoldoende onderzoek.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft onderbouwd dat andere oorzaken dan bodembeweging de schade hebben veroorzaakt voor de meeste schades, met name schades 1 tot en met 5 en 14. Voor deze schades is het bewijsvermoeden onvoldoende weerlegd. Voor andere schades is het bewijsvermoeden wel weerlegd.
De rechtbank vernietigt het besluit voor de genoemde schades en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van schadevergoeding voor schades 1 tot en met 5 en 14 wordt vernietigd en verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.