Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.1. Procesverloop
2.2. Beoordeling
3.Beslissing
mr. B. van den Bosch.
Rechtbank Noord-Nederland
In een civiele procedure tussen verzoeker en de Vereniging van Eigenaars woningen Fortuna heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen kantonrechter Van den Bosch. Dit verzoek betrof vermeende vooringenomenheid en onrechtmatige (processuele) beslissingen van de kantonrechter.
De rechtbank overweegt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid geven. Het wrakingsverzoek mag niet worden gebruikt als verkapt middel tegen onwelgevallige procesbeslissingen.
Verzoeker stelde onder meer dat de kantonrechter tussenvonnis wees ondanks verwachtingen, onvoldoende optrad tegen vijandige sfeer, vragen stelde waarvan antwoorden al schriftelijk waren ingediend, niet binnen vier weken vonnis wees, en onvoldoende gelegenheid gaf tot repliek. De rechtbank oordeelt dat deze punten procesbeslissingen betreffen waarover geen wraking kan worden gegrond verklaard, noch dat er objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bestaat.
Daarnaast was het wrakingsverzoek deels niet tijdig ingediend, aangezien feiten waarop het gebaseerd was al op eerdere zittingen bekend waren. De rechtbank verklaart het verzoek dan ook kennelijk ongegrond en bepaalt dat de procedure wordt voortgezet zoals voor het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen kantonrechter Van den Bosch wordt kennelijk ongegrond verklaard en afgewezen.