Partijen sloten een aannemingsovereenkomst voor de bouw van een nieuwbouwwoning. Eiser betrok de woning eind september 2018 en stelde dat dit geen oplevering betekende vanwege gebreken. Diverse expertiserapporten werden overgelegd waarin gebreken werden vastgesteld.
De aannemer stelde dat door ingebruikname de woning als opgeleverd moest worden beschouwd volgens de Algemene Voorwaarden Aannemingen (AVA 2013). De rechtbank oordeelde dat de woning juridisch was opgeleverd door ingebruikname, waardoor de aannemer niet meer aansprakelijk was voor gebreken die bij oplevering redelijkerwijs ontdekt hadden kunnen worden.
De rechtbank wees de vorderingen van eiser tot herstelkosten, vervanging kozijnen, en schadevergoeding grotendeels af wegens onvoldoende onderbouwing en omdat de gebreken grotendeels zichtbaar waren bij oplevering. Wel werd een beperkte schadevergoeding toegekend voor overschrijding van de oplevertermijn en werd de aannemer veroordeeld tot afgifte van de factuur van de zonnepanelen.
In reconventie werd eiser veroordeeld tot vrijgave van het depotbedrag aan de aannemer, met een dwangsom bij niet-naleving, en tot betaling van rente en proceskosten. De rechtbank verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.