Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
parketnummer 18/162784-20: schuldheling
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 17 maart 2022 de zaken tegen verdachte met betrekking tot witwassen en schuldheling. Ten aanzien van witwassen werd verdachte vrijgesproken omdat het openbaar ministerie onvoldoende onderzoek had gedaan naar de legale herkomst van de auto en inboedel die verdachte had aangeschaft. Verdachte en zijn familie gaven een concrete en verifieerbare verklaring die door bankafschriften werd ondersteund.
In de schuldhelingzaak werd vastgesteld dat verdachte samen met een medeverdachte twee lasapparaten had verworven, terwijl zij redelijkerwijs moesten vermoeden dat deze goederen uit een diefstal afkomstig waren. De lasapparaten waren kort daarvoor uit een bedrijfspand gestolen. Verdachte en medeverdachte hadden geen bon kunnen tonen en medeverdachte gaf aan twijfels te hebben gehad over de herkomst.
De rechtbank achtte schuldheling wettig en overtuigend bewezen en veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 60 uur, met een vervangende hechtenis van 30 dagen bij niet-nakoming. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd afgewezen wegens het ontbreken van een rechtstreeks causaal verband met het bewezen verklaarde. De in beslag genomen auto werd teruggegeven aan verdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen en veroordeeld tot een taakstraf van 60 uur voor medeplegen schuldheling.