ECLI:NL:RBNNE:2022:849
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking toevoeging rechtsbijstand op basis van resultaat en normbedrag
Eiser, een advocaat, maakte bezwaar tegen het besluit van verweerder om een eerder verstrekte toevoeging voor rechtsbijstand niet in te trekken, ondanks dat het behaalde resultaat van de zaak hoger was dan het normbedrag voor een alleenstaande. De zaak betrof een geschil over de verdeling van de opbrengst van de verkoop van een gezamenlijke woning.
De rechtbank oordeelt dat het resultaat van de zaak moet worden vastgesteld op het moment van de definitieve afhandeling, waarbij de leefsituatie van de rechtzoekende bepalend is voor de beoordeling van draagkracht en normbedrag. Verweerder heeft het resultaat terecht vastgesteld op het netto bedrag dat aan eiser toekwam, waarbij verkoopkosten en hypotheekrenteaftrek niet in mindering worden gebracht.
Verder is geoordeeld dat het normbedrag moet worden bepaald aan de hand van de gezinssituatie bij afhandeling van de zaak, niet bij aanvraag. Het betoog van eiser dat dit tot fraude zou kunnen leiden, wordt verworpen. Ook het beroep op de werkinstructie en de stelling dat toepassing van het beleid onevenredig is, slaagt niet. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de toevoeging terecht niet is ingetrokken.