ECLI:NL:RBNNE:2023:1336
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid officier van justitie in ontnemingsvordering na vrijspraak
De officier van justitie heeft een vordering ingediend tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter hoogte van €52.121,52, voortvloeiend uit een strafzaak met parketnummer 18-168046-20. Deze vordering werd behandeld tijdens een terechtzitting op 21 maart 2023, waarbij de veroordeelde aanwezig was en werd bijgestaan door een advocaat.
De rechtbank heeft kennisgenomen van het voorbereidend onderzoek en het vonnis in de onderliggende strafzaak. In die zaak is de veroordeelde bij vonnis van 4 april 2023 vrijgesproken van het feit dat ten grondslag lag aan de ontnemingsvordering.
Omdat de ontnemingsvordering betrekking heeft op een feit waarvoor vrijspraak is uitgesproken, verklaart de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk in haar vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in haar vordering tot ontneming wegens vrijspraak van het onderliggende feit.