ECLI:NL:RBNNE:2023:1780
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake onduidelijke machtiging bij aardbevingsschade
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een vaste vergoeding van fysieke schade aan een woning door het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG). Het IMG wees de aanvraag af wegens een vermeend gebrek aan de machtiging, zonder duidelijk te maken welk gebrek dit betrof.
De voorzieningenrechter oordeelt dat dit gebrek aan toelichting verzoeker geen mogelijkheid bood om het vermeende gebrek te herstellen, waardoor het IMG onduidelijkheid veroorzaakte. Dit wordt gezien als een spoedeisende situatie, zeker gezien de aardbevingscontext waarin de zaak speelt.
Tijdens de zitting werd duidelijk dat de gemachtigde van verzoeker inmiddels is geaccepteerd, en het IMG toezegde in de toekomst duidelijker te communiceren. Hierdoor is het belang van het verzoek komen te vervallen en wijst de voorzieningenrechter het verzoek af.
De voorzieningenrechter veroordeelt het IMG tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van verzoeker, berekend volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter C.H. de Groot op 4 mei 2023 en bindt niet in een bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het belang is komen te vervallen, met proceskostenveroordeling voor het IMG.