Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlasteleggingen
Beoordeling van het bewijs
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 15 maart 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 2] enopgenomen op pagina 1 van dossier 1, inhoudend de verklaring van aangever [benadeelde partij 1] ;
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 18 april 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 3] enopgenomen op pagina 6 van dossier 1, inhoudend de verklaring van aangever [benadeelde partij 2] ;
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 10 juni 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 4] enopgenomen op pagina 11 van dossier 1, inhoudend de verklaring van aangever [naam 5] ;
- een aanvullend proces-verbaal van aangifte met nummer PL0100-2021158919-1 d.d. 16 juni 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 6] en opgenomen op pagina 58 van dossier 1, inhoudend de verklaring van aangever [naam 7] ; hij deed aangifte mede namens het slachtoffer [benadeelde partij 3] ;
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 22 april 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 11] enopgenomen op pagina 35 van dossier 2, inhoudend de verklaring van aangever [benadeelde partij 5] ;
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 22 april 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 12] enopgenomen op pagina 38 van dossier 2, inhoudend de verklaring van aangever [benadeelde partij 6] ;
- een proces-verbaal van aangifte d.d. 22 april 2021, opgemaakt door verbalisant [naam 4] enopgenomen op pagina 42 van dossier 2, inhoudend de verklaring van aangever [benadeelde partij 7] .
“DNA-profiel: Resultaat niet geschikt voor vergelijkend DNA-onderzoek”. Evenwel is aan verdachte, tijdens het verhoor door de politie van 25 januari 2023 (pagina 71 e.v. van het dossier), voorgehouden dat op de sleutel DNA is aangetroffen van zowel verdachte als zijn vriendin. Dat bijt elkaar.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
in de zaak met parketnummer 18-159755-21:
in de zaak met parketnummer 18-111156-21:
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Inbeslaggenomen goederen
Benadeelde partijen
Oordeel van de rechtbank
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 280 dagen.
een gedeelte, groot 180 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 3 jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen vaneen of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van hetWetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.
benadeelde partij [benadeelde partij 2]toe tot het hierna te noemen bedrag en veroordeelt verdachte om aan [benadeelde partij 2] te betalen:
- het bedrag van € 270,71 (zegge: tweehonderdzeventig euro en eenenzeventig eurocent);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 18 april 2021 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.
benadeelde partij [benadeelde partij 6]toe tot het hierna te noemen bedrag
en veroordeelt verdachte om aan [benadeelde partij 6] te betalen:
- het bedrag van € 67,50 (zegge: zevenenzestig euro en vijftig eurocent);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 20 april 2021 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.
benadeelde partij [benadeelde partij 8]niet-ontvankelijk. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht. Bepaalt dat de benadeelde partij de eigen proceskosten draagt.