Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Oordeel van de rechtbank1
2Verdachte verblijft op dat moment vanwege de brand op 27 juli 2022 samen met haar gezin in het [hotel] .
3
4
5
6
7Bij de politie verklaart verdachte op 24 november 2022 dat zij bij het verlaten van de woning de achterdeur heeft afgesloten met de sleutel. Bij het verlaten van de woning heeft zij geen andere mensen rondom de woning gezien.
8
9
10Verbalisanten [naam] en [naam] hebben met een stopwatch de route gereden van het [hotel] naar De Kei te Leeuwarden. Verbalisanten verklaren de route te hebben gereden in 6:22 minuten terwijl zij geen tot weinig hinder hebben ondervonden van overige verkeersgebruikers, zich hebben gehouden aan de maximale snelheid en alle stoplichten op groen stonden. Ze hebben een kort oponthoud gehad van 14 seconden.
11
12
13
14
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden.
een gedeelte, groot 10 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 3 jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- ten behoeve van het vaststellen van haar identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen vaneen of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van hetWetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.
Ten aanzien van de benadeelde partij Woonstichting WoonFriesland:
Woonstichting WoonFrieslandte betalen:
- het bedrag van € 2.500,00 (zegge: vijfduizend euro);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 29 juli 2022 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op € 2.366,00.