Op 9 november 2018 vond een woningoverval plaats in een woning te Oldambt waarbij onder meer geweld en bedreiging werden gebruikt om geld te verkrijgen. Verdachte werd ervan verdacht hierbij betrokken te zijn, mede door het aantreffen van zijn DNA op een bivakmuts nabij de plaats delict en camerabeelden waarop mogelijk hij te zien zou zijn.
Tijdens de terechtzitting op 8 juni 2023 heeft de rechtbank het bewijs onderzocht. De DNA-sporen op de bivakmuts konden niet met zekerheid aan de overval worden gekoppeld, mede omdat aangever in zijn aangifte terugkwam op de beschrijving van de bivakmuts. Verdachte stelde een alternatief scenario voor waarbij de muts bewust was geplaatst om hem te belasten. Daarnaast bracht een alibi van de zus van verdachte twijfel over zijn aanwezigheid op de plaats en tijd van de overval.
De herkenning van verdachte op camerabeelden door een medeverdachte was onzeker en de kwaliteit van de beelden onvoldoende om dit als overtuigend bewijs te beschouwen. Gelet op deze omstandigheden achtte de rechtbank het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen en sprak verdachte vrij.
De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd voor materiële en immateriële schade, maar deze vordering werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de feiten niet bewezen zijn. De rechtbank bepaalde dat deze vordering bij de burgerlijke rechter moet worden aangebracht en dat partijen hun eigen kosten dragen.