De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor het medeplegen van het opzettelijk aanwezig hebben van een aanzienlijke hoeveelheid hennep en hennepplanten in een pand te Emmen, in de periode van 1 maart tot en met 13 april 2021. Verdachte werd vrijgesproken van actieve betrokkenheid bij het telen en bewerken van de hennep en van de diefstal van elektriciteit en drinkwater.
De tenlastelegging betrof het telen, bereiden, bewerken en aanwezig hebben van hennep en hennepplanten, alsmede het illegaal afnemen van stroom en water. De rechtbank oordeelde dat er een redelijk vermoeden van schuld bestond op basis van netmetingen en visuele aanwijzingen, waardoor het binnentreden van de woning rechtmatig was en het bewijs niet onrechtmatig verkregen.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte zich schuldig maakte aan het medeplegen van het aanwezig hebben van hennep en hennepplanten, maar niet aan het telen of bewerken daarvan. Verdachte werd vrijgesproken van de beschuldigingen van stroom- en waterdiefstal wegens gebrek aan bewijs. Gelet op de ernst van het feit en de overschrijding van de redelijke termijn werd een taakstraf van 120 uren opgelegd, met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-nakoming.