ECLI:NL:RBNNE:2023:2785
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid tweede wrakingsverzoek tegen rechters bestuursrechtelijke zaak
In deze zaak hebben verzoekers een tweede wrakingsverzoek ingediend tegen de meervoudige kamer van de sector bestuursrecht van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen, die de procedure tussen verzoekers en de Nationaal Coördinator Groningen behandelt.
Het eerste wrakingsverzoek was gericht op het vermeende te late informeren over het meebrengen van een deskundige door de NCG, wat volgens verzoekers de onpartijdigheid van de rechters schaadde. Dit verzoek werd op 8 juni 2023 kennelijk ongegrond verklaard. Het tweede wrakingsverzoek tracht dezelfde grondslag, zij het anders geformuleerd, opnieuw aan te voeren.
De wrakingskamer oordeelt dat een rechter alleen gewraakt kan worden bij objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid, en dat alle gronden voor wraking gelijktijdig moeten worden ingediend. Omdat het tweede verzoek geen nieuwe feiten bevat en slechts een herhaling van het eerste is, wordt het niet-ontvankelijk verklaard. Tevens wordt een wrakingsverbod opgelegd om misbruik van het wrakingsmiddel te voorkomen.
De procedure wordt voortgezet in de stand waarin zij zich bevond bij het indienen van het tweede verzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het tweede wrakingsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard en een wrakingsverbod opgelegd.