Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
De door verdachte ter terechtzitting van 7 juli 2023 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend;
Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 13 juni 2021, opgenomen op pagina 71 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer PL0100-2021160195 d.d. 7 oktober 2021, inhoudend de verklaring van [slachtoffer 2] ;
Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 14 juni 2021, opgenomen op pagina 82 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van [naam] .
Bewezenverklaring
subsidiairverdachte op 13 juni 2021 te Assen, als bestuurder van een motorrijtuig, een bestelauto, daarmee rijdende over de weg, te weten de kruising/rotonde [adres 2] met de [adres 2] ,
- met een al dan niet aanzienlijke snelheid zeer dicht achter een of meer voor verdachte op die wegrijdend(e) ander(e) motorrijtuig(en), namelijk - onder meer - een personenauto (die bestuurd werd door [slachtoffer 2] ) is gaan rijden en is gaan volgen en
- de snelheid van het door verdachte bestuurde motorrijtuig niet zodanig heeft geregeld en niet tijdigheeft geremd, dat hij in staat was om het door hem bestuurde motorrijtuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij, verdachte, de weg kon overzien en waarover deze vrij was, waardoor verdachte met het door hem bestuurde motorrijtuig is aangereden of (op)gebotst tegen dat voor hem op die weg rijdend motorrijtuig (die bestuurd werd door genoemde [slachtoffer 2] ), door welke verkeersgedragingen van verdachte gevaar op de weg werd veroorzaakt;
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
Strafmotivering
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een geldboete ten bedrag van € 500,00(zegge: vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door 10 dagen hechtenis.
een taakstraf voor de duur van 150 uren.
[slachtoffer 2]te betalen:
- het bedrag van
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 13 juni 2021 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.
[slachtoffer 2]aan de Staat te betalen een bedrag van
€ 1.223,48(zegge: twaalfhonderddrieëntwintig euro en achtenveertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 juni 2021 tot de dag van algehele voldoening. Dit bedrag bestaat uit € 223,48 aan materiële schade en € 1.000,00 aan immateriële schade.