ECLI:NL:RBNNE:2023:3051
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen intrekking uitkering Participatiewet wegens onvoldoende bewijs gezamenlijke huishouding
Verzoekster ontving sinds 2018 een uitkering op grond van de Participatiewet. Het college van burgemeester en wethouders van Groningen trok haar uitkering per 1 juni 2023 in, stellende dat zij een gezamenlijke huishouding voert met [naam 2] en dit niet heeft gemeld, wat een schending van de inlichtingenplicht zou zijn.
Verweerder baseerde dit onder meer op waarnemingen, een huisbezoek en gegevens over het hoofdverblijf van [naam 2]. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het bewijs onvoldoende was om aan te nemen dat [naam 2] zijn hoofdverblijf bij verzoekster had, ondanks dat hij regelmatig aanwezig was voor de zorg van hun kind.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de intrekking van de uitkering niet gerechtvaardigd was en schorste het besluit bij wijze van voorlopige voorziening. Hierdoor moet de uitkering worden hervat totdat in een bodemprocedure een definitief oordeel volgt.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het besluit tot intrekking van de uitkering geschorst.