ECLI:NL:RBNNE:2023:3236
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel bij valsheid in geschrift
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 13 juli 2023 in zaaknummer 18/006728-21 het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €107.661. Dit volgt uit een strafrechtelijke veroordeling wegens medeplegen van valsheid in geschrift en het opzettelijk gebruikmaken van valse geschriften.
De veroordeelde, werkzaam als zorgverlener, heeft gedurende een lange periode onrechtmatig persoonsgebonden budgetten (PGB's) ontvangen door zorg te declareren voor niet daadwerkelijk verleende uren. De rechtbank baseert de schatting op bankmutaties, verklaringen en onderzoek, waarbij is vastgesteld dat ongeveer 20% van de gedeclareerde zorg niet is verleend. Hoewel aanwijzingen bestaan dat het werkelijke voordeel hoger kan zijn, is gekozen voor een conservatieve schatting.
De verdediging heeft betwist dat het volledige bedrag onrechtmatig is verkregen en verzocht om matiging, maar de rechtbank wijst dit af. Tevens is een terugvordering van de gemeente Hoogeveen van €20.768,82 niet in mindering gebracht vanwege onvoldoende bewijs van betaling. De rechtbank legt de veroordeelde de verplichting op om het bedrag van €107.661 aan de staat te betalen en bepaalt een maximale gijzelingstermijn van 1080 dagen.
Uitkomst: De veroordeelde is verplicht tot betaling van €107.661 aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.