ECLI:NL:RBNNE:2023:3266
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van munitie en cocaïne tijdens vervoersfouillering
Op 13 april 2023 werd verdachte tijdens een vervoersfouillering in Groningen aangetroffen met 24 centraalvuur kogelpatronen en 6,34 gram cocaïne. De rechtbank achtte beide feiten wettig en overtuigend bewezen op basis van de duidelijke bekentenis van verdachte en ondersteunend bewijs, waaronder proces-verbaal en NFI-rapporten.
De verdediging voerde een verweer op grond van artikel 359a Sv over een vermeend onrechtmatige speekseltest, maar de rechtbank verwierp dit omdat de speekseltest rechtmatig was afgenomen volgens de Wegenverkeerswet. Verdachte werd strafbaar geacht voor het bezit van munitie in strijd met de Wet wapens en munitie en voor het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne in strijd met de Opiumwet.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de maatschappelijke risico's van het bezit van munitie en drugs, en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder het ontbreken van recente veroordelingen en het feit dat verdachte op Curaçao woont. Hoewel een geldboete passend leek, werd vanwege het reeds doorgebrachte voorarrest een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 20 dagen opgelegd, met aftrek van het voorarrest.
De in beslag genomen munitie was reeds onttrokken aan het verkeer, zodat de rechtbank hierover geen beslissing nam. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Noord-Nederland op 8 augustus 2023.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 20 dagen gevangenisstraf met aftrek van het voorarrest.