Uitspraak
[verdachte] ,
Tenlastelegging
- een (vuur)wapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen, en/of
- ( vervolgens) dit (vuur)wapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de nek/halsvan die [slachtoffer 1] te duwen/drukken, en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: "Ik schiet je neer, ik schiet je neer" en/of “moet ik je schieten”,althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking";
- meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in het gezicht, althans het lichaam, van die [slachtoffer 1] te slaan/stompen, en/of
- meermalen, althans eenmaal, tegen de benen, althans het lichaam, van die [slachtoffer 1] teschoppen/trappen;
Beoordeling van het bewijs
1. De door verdachte ter zitting van 23 juni 2023 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend:
2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 maart 2023 en 7 april 2023, opgenomen op pagina 78 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer 2023066777/2023067375 d.d. 11 april 2023, inhoudend als relatering van verbalisant [naam 1] :
3. Een schriftelijk bescheid, te weten een geneeskundige verklaring met betrekking tot
Bewijsoverweging
Bewezenverklaring
- een vuurwapen te tonen, en
- vervolgens dit vuurwapen in de nek/hals van die [slachtoffer 1] te drukken;
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
.De reclassering adviseert in haar advies van 27 juli 2023 een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met daaraan gekoppeld de volgende bijzondere voorwaarden: een meldplicht bij de reclassering, behandeling door een ambulante forensische instelling of een soortgelijke zorgverlener, begeleid wonen of maatschappelijke opvang (indien verdachte door detentie zijn huisvesting verliest) en een verbod op harddrugsgebruik en meewerken aan controle daarop.
Vordering na voorwaardelijke veroordeling
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden.
een gedeelte, groot zes maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op
drie jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen vaneen of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van hetWetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.