ECLI:NL:RBNNE:2023:4057
Rechtbank Noord-Nederland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel en beslaglegging ondanks lopende buitenlandse betalingsregeling
Veroordeelde verzet zich tegen een dwangbevel en beslaglegging op zijn woning door het CJIB, ondanks een lopende betalingsregeling in België betreffende een confiscatie van €88.704 opgelegd wegens het exploiteren van een cannabisplantage.
De rechtbank overweegt dat het wettelijke systeem voor inning voorschrijft dat beslaglegging pas aan de orde is bij uitblijven van betaling of niet-naleving van een betalingsregeling, tenzij er aanwijzingen zijn dat vermogensbestanddelen worden verborgen. In deze zaak is geen bewijs dat veroordeelde vermogensbestanddelen uit het zicht brengt.
Het CJIB legde beslag ter zekerheid, maar erkent dat het niet voornemens is de woning te verkopen zolang de betalingsregeling wordt nagekomen. De rechtbank oordeelt dat het dwangbevel en beslaglegging voorbarig zijn en niet redelijk, waardoor het bezwaarschrift gegrond wordt verklaard.
De rechtbank wijst verzoeken tot vernietiging van het dwangbevel en veroordeling in kosten af wegens gebrek aan wettelijke grondslag.
De beschikking is uitgesproken door de meervoudige kamer van de Rechtbank Noord-Nederland op 4 oktober 2023.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel en beslaglegging wordt gegrond verklaard omdat het beslag voorbarig en niet redelijk is gezien de lopende betalingsregeling.