De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 3 november 2023 twee verzoeken tot machtiging gesloten jeugdhulp voor een minderjarige onder voogdij van het Regiecentrum Bescherming en Veiligheid. Het eerste verzoek betrof een spoedmachtiging, het tweede een regulier verzoek. De gedragswetenschapper had de jeugdige niet kunnen onderzoeken vanwege vermissing.
De kinderrechter oordeelde dat de wettelijke vereiste voor een regulier verzoek, namelijk een recent onderzoek door een gedragswetenschapper, niet was vervuld. Daarom werd het reguliere verzoek afgewezen. Voor de spoedmachtiging geldt deze eis niet bij vermissing of vluchtgevaar, waardoor deze wel kon worden verleend.
De spoedmachtiging werd toegekend voor de duur van vier weken, met het oog op de kwetsbaarheid van de jeugdige en het belang van snelle opsporing en hulpverlening. De beslissing over het resterende deel van het reguliere verzoek werd aangehouden tot een nader te bepalen zitting. De rechtbank benadrukte de urgentie van de situatie en de noodzaak van snelle interventie.