Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
gevestigd te Amsterdam,
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een verzoek van de Gecertificeerde Instelling (GI) tot machtiging voor gesloten jeugdhulp voor een minderjarige geboren in 2008. De minderjarige vertoont zorgwekkend gedrag zoals suïcidale uitingen, drugs- en alcoholgebruik en agressie, wat de veiligheid van hemzelf en zijn omgeving bedreigt. De GI onderbouwt het verzoek met het oog op de instabiliteit van de minderjarige en het ontbreken van een geschikte woonplek.
Tijdens de mondelinge behandeling, die met gesloten deuren plaatsvond, heeft de minderjarige zijn situatie toegelicht en aangegeven dat hij het verblijf in de gesloten setting als benauwend ervaart en liever op een open groep wil verblijven. De vader steunt het verzoek en erkent de zorgwekkende situatie.
De kinderrechter overweegt dat de gesloten jeugdhulp noodzakelijk is vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de minderjarige ernstig belemmeren. Gezien de recente verslechtering van zijn gedrag en het ontbreken van een geschikte alternatieve woonplek, wordt de machtiging voor de duur van drie maanden verleend. De kinderrechter spreekt de hoop uit dat de geplande overplaatsing naar een open woonlocatie perspectief biedt en de situatie verbetert.
Uitkomst: De kinderrechter verleent een machtiging voor gesloten jeugdhulp voor drie maanden vanwege ernstige gedragsproblemen en veiligheidsrisico's bij de minderjarige.