Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
hierna te noemen: de RvdK, gevestigd te Leeuwarden,
1.Het procesverloop
- de minderjarige [minderjarige] , bijgestaan door mr. H.W. de Jong;
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een verzoek om machtiging tot gesloten jeugdhulp voor een minderjarige die verblijft in een justitiële jeugdinrichting vanwege een geweldsdelict. De Raad voor de Kinderbescherming en de Gecertificeerde Instelling hebben gezamenlijk verzocht om een gesloten plaatsing tot het einde van de ondertoezichtstelling.
De moeder, belast met het ouderlijk gezag, is niet verschenen en erkent de problematiek niet. De minderjarige zelf wil liever een kortere gesloten plaatsing en daarna begeleid wonen. De kinderrechter stelt vast dat eerdere interventies in een open setting onvoldoende effect hadden en dat de veiligheid in een open groep onvoldoende gewaarborgd kan worden.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor gesloten jeugdhulp is voldaan, gelet op ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen, het risico op onttrekking aan zorg en de noodzaak van diagnostiek. De machtiging wordt verleend voor zes maanden, langer dan de door de minderjarige gewenste termijn, om voldoende tijd te bieden voor diagnostiek en een zorgvuldige planning van vervolgplaatsing.
Het verzoek tot uithuisplaatsing is ingetrokken door de Raad voor de Kinderbescherming, zodat hierover niet meer wordt beslist. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgesteld op 2 juni 2023.
Uitkomst: Machtiging gesloten jeugdhulp verleend voor zes maanden wegens ernstige gedragsproblemen en veiligheidsrisico's.