ECLI:NL:RBNNE:2023:4670

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
14 juni 2023
Publicatiedatum
14 november 2023
Zaaknummer
189697
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 Jeugdwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging gesloten jeugdhulp voor minderjarige wegens ernstige opvoedingsproblemen

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waadhoeke verzocht om een machtiging voor gesloten jeugdhulp voor een minderjarige geboren in 2006. De minderjarige verblijft reeds op grond van een eerdere machtiging in een gesloten accommodatie van een jeugdhulpaanbieder.

Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, waren de minderjarige, zijn ouders, en een vertegenwoordiger van het college aanwezig. De minderjarige en zijn ouders steunden het verzoek, waarbij werd benadrukt dat een open groep een terugval in middelengebruik en gedragsproblemen zou kunnen veroorzaken. De gesloten setting biedt momenteel meer rust en stabiliteit.

De kinderrechter overwoog dat hoewel de onderbouwing van het verzoek te wensen overliet, de ernst van de opgroei- en opvoedingsproblemen en de wens van de minderjarige om in een gesloten setting te verblijven, het verzoek rechtvaardigen. De machtiging wordt verleend voor een periode van drie maanden, aansluitend op de bestaande machtiging, met het oog op het opstellen van een behandelplan en het voorkomen van terugval.

De beschikking is op 14 juni 2023 in het openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgesteld op 23 juni 2023. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Machtiging gesloten jeugdhulp verleend voor drie maanden wegens ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Leeuwarden
Zaaknummer: C/17/189697 / JE RK 23-497
Datum uitspraak: 14 juni 2023
Beschikking van de kinderrechter over een machtiging gesloten jeugdhulp
in de zaak van
het college van burgermeester en wethouders van de gemeente Waadhoeke,
zetelend te [plaats] , hierna te noemen het college,
betreffende
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2006 te [plaats] ,
hierna te noemen: [minderjarige] ,
advocaat: mr. E. Albayrak, te Leeuwarden.
De rechtbank merkt als belanghebbenden aan:
[naam],
hierna te noemen: de moeder,
wonende te [plaats] ,
[naam],
hierna te noemen: de vader,
wonende te [plaats] .

1.Het procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoek met bijlagen van het college van 26 mei 2023, ingekomen bij de griffie op 5 juni 2023;
- de instemmende verklaring d.d. 5 juni 2023 van de gekwalificeerde gedragswetenschapper.
1.2.
Op 14 juni 2023 heeft de kinderrechter de zaak tijdens de zitting met gesloten deuren behandeld. Verschenen en gehoord zijn:
- [minderjarige] , bijgestaan door mr. E. Albayrak;
- de moeder;
- de vader;
- [naam] , namens het college.
1.3.
Daarnaast is de heer [naam] , begeleider van [minderjarige] van de [instelling] , als toehoorder bij de zitting aanwezig geweest.

2.De feiten

2.1.
De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .
2.2.
Bij beschikking van 16 maart 2023 heeft de kinderrechter een machtiging verleend om [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder voor de duur van drie maanden, te weten tot 16 juni 2023.
2.3.
[minderjarige] verblijft op grond van de hiervoor genoemde machtiging op een gesloten groep bij de [instelling] .

3.Het verzoek

3.1.
Het college verzoekt een machtiging om [minderjarige] in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van drie maanden. Voor een onderbouwing van het verzoek verwijst het college naar het verzoekschrift en de daaraan gehechte bijlagen.
3.2.
Op de zitting is het verzoek door het college toegelicht en is aangevoerd dat [minderjarige] baat heeft bij de kaders van een machtiging gesloten jeugdhulp. Hoewel helaas geconstateerd moet worden dat er nog geen begin is gemaakt met diagnostisch onderzoek van [minderjarige] of een behandeling, is duidelijk dat [minderjarige] zelf bang is om een terugval te krijgen op een open groep. Op dit moment ervaart [minderjarige] binnen de gesloten kaders meer rust en dat maakt dat er een stabielere basis neergezet kan worden om er uiteindelijk voor te zorgen dat [minderjarige] zich zo goed mogelijk ontwikkelt richting zijn meerderjarigheid. In de komende drie maanden is het doel om een duidelijk plan op te stellen en zal vanuit [instelling] de nodige behandeling worden opgepakt. Het is zeer spijtig dat [minderjarige] de afgelopen maanden de dupe is geweest van een trage start en het is nu zorg dat iedereen er scherp op is dat binnen de gesloten kaders aan [minderjarige] geboden wordt wat hij nodig heeft.

4.De standpunten

4.1.
[minderjarige] stemt in met het verzoek van het college. Hij vreest dat een plek op een open groep snel tot een terugval zal leiden, waardoor hij weer teleurgesteld raakt in zichzelf en opnieuw moet beginnen. Een gesloten plaatsing is op dit moment volgens [minderjarige] het beste.
4.2.
De moeder staat achter het verzoek van het college. Ondanks de trage start bij de [instelling] , krijgt [minderjarige] bij de [instelling] nu de mogelijkheid om een stabiele basis om mogelijk daarna de stap te zetten naar bijvoorbeeld een woongroep. Een open groep komt op dit moment te vroeg.
4.3.
De vader is het eens met het verzoek van het college. [minderjarige] is een kwetsbare jongen die in het verleden gevoelig is gebleken voor terugvallen. Binnen de gesloten kaders is het hem gelukt om te stoppen met middelengebruik en het is zorg om nu verdere stappen vooruit te zetten. Zijn behandeling komt nu pas van de grond en een overplaatsing naar een open groep maakt dat de kans zeer groot is dat op korte termijn opnieuw een verzoek voor een gesloten machtiging nodig is.

5.De beoordeling

5.1.
Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging voor een gesloten accommodatie voor jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en het verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken.
5.2.
De kinderrechter stelt voorop dat een machtiging gesloten jeugdhulp een zeer ingrijpende maatregel is die slechts als ultimum remedium moet worden ingezet en die, wanneer uitgesproken, zo kort mogelijk moet duren. Hoewel de kinderrechter van oordeel is dat de onderbouwing van het verzoek te wensen overlaat, met name op het punt waarom een machtiging gesloten jeugdhulp de enige adequate maatregel zou zijn in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen van [minderjarige] , is de kinderrechter van oordeel dat het verzoek moet worden toegewezen. De kinderrechter overweegt daartoe dat [minderjarige] op de zitting duidelijk naar voren heeft gebracht dat hij veel baat heeft bij de kaders die de gesloten jeugdhulp hem op dit moment biedt en dat bij hem sterk de angst leeft om op een open groep te maken te krijgen met een terugval in zijn middelengebruik en/of gedragsproblematiek. De wens van [minderjarige] om op dit moment op een gesloten groep te verblijven is zelfs zo groot, dat hij heeft aangegeven om bij een eventuele voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp juist bewust de gestelde voorwaarden te zullen overtreden om zo weer op een gesloten groep te kunnen verblijven. Gelet op deze wens van [minderjarige] en het feit dat inmiddels, zij het na een moeizame start, zijn behandelingen worden gestart, zal de kinderrechter, aansluitend op de huidige machtiging gesloten jeugdhulp, een machtiging verlenen om [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie van een jeugdhulpaanbieder voor de duur van drie maanden.

6.De beslissing

De kinderrechter:
6.1.
verleent een machtiging om [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp met ingang van 16 juni 2023 tot 16 september 2023.
Deze beschikking is gegeven door mr. P. van Eijk, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 juni 2023 in aanwezigheid van mr. H.J. Boon als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 23 juni 2023.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden.