ECLI:NL:RBNNE:2023:5491
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens excessieve termijnoverschrijding
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 29 december 2023 de vordering van het openbaar ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde, voortvloeiend uit een eerdere veroordeling voor meervoudige oplichting en medeplegen daarvan.
De officier van justitie stelde aanvankelijk een bedrag van €9.272,93 vast, maar corrigeerde dit ter zitting naar €5.547,86, rekening houdend met een gedeeld voordeel met een medeverdachte en het schrappen van een zaak. Na verrekening van vorderingen van benadeelde partijen resteerde een betalingsverplichting van €2.859,90.
De verdediging voerde primair niet-ontvankelijkheid aan wegens excessieve termijnoverschrijding en verzocht subsidiair om het horen van een getuige en nadere toelichting op de berekeningen. De rechtbank stelde vast dat de periode tussen de feiten en berechting meer dan vijf tot zeven jaar bedroeg, wat een excessieve overschrijding vormt.
Gezien deze termijnoverschrijding, de reeds opgelegde schadevergoedingsverplichting en het relatief geringe bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel boven de schadevergoeding, besloot de rechtbank geen betalingsverplichting op te leggen voor het meerdere en wees de vordering van het openbaar ministerie af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontneming af vanwege excessieve termijnoverschrijding en het geringe bedrag boven de schadevergoeding.