ECLI:NL:RBNNE:2023:58
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na medeplichtigheid hennepteelt en elektriciteitsdiefstal
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 3 januari 2023 uitspraak gedaan in de zaak tegen de verdachte, die werd verdacht van medeplichtigheid aan de teelt van hennep en diefstal van elektriciteit. De rechtbank achtte deze medeplichtigheid bewezen en veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van 194 dagen, waarvan 190 dagen voorwaardelijk.
De officier van justitie had een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ingediend ter hoogte van €80.543,97, later verminderd tot €79.940,24 vanwege reeds betaalde kosten. De verdediging betoogde dat verdachte slechts een faciliterende rol had en dat niet was vastgesteld dat hij daadwerkelijk voordeel had genoten.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was dat de verdachte meer dan €900 had ontvangen voor het ter beschikking stellen van zijn woning voor de hennepkwekerij. Hoewel de verdachte medeplichtig was aan elektriciteitsdiefstal, waarvoor een schadebedrag van €10.712,31 aan de benadeelde partij moest worden betaald, werd vastgesteld dat dit bedrag niet als wederrechtelijk verkregen voordeel aan verdachte kon worden toegerekend.
Daarom wees de rechtbank de vordering tot ontneming af. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer en is openbaar.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt verdachte tot 194 dagen gevangenisstraf, waarvan 190 voorwaardelijk, en wijst de ontnemingsvordering af wegens onvoldoende bewijs van wederrechtelijk verkregen voordeel.