Verzoeker heeft een mondeling wrakingsverzoek ingediend tegen de leden van de meervoudige strafkamer van de rechtbank Noord-Nederland, stellende dat de rechters vooringenomen zijn omdat zij een verzoek tot het horen van drie getuigen hadden afgewezen met een motivering die volgens verzoeker een eindoordeel over de schuld impliceert.
De wrakingskamer heeft het verzoek op 21 februari 2023 behandeld, waarbij zowel verzoeker als de rechters hun standpunten hebben toegelicht. De rechters stelden dat zij niet vooringenomen zijn en dat de afwijzing van het getuigenverzoek een procedurele beslissing betreft die niet kan worden gewraakt.
De rechtbank overweegt dat een rechter alleen gewraakt kan worden bij objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid, wat niet het geval is. De motivering van de afwijzing van het getuigenverzoek is een zakelijke en procedurele beslissing, waarbij de rechters expliciet aangeven dat het horen van getuigen mogelijk nog aan de orde kan komen tijdens de inhoudelijke behandeling.
Gezien het ontbreken van bijzondere omstandigheden die wijzen op partijdigheid, wijst de rechtbank het wrakingsverzoek af en beveelt voortzetting van de hoofdzaak in de bestaande stand. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.