Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het procesverloop
2.De beoordeling
3.Beslissing
Arnhem-Leeuwarden
871
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde een verzoek van de vader om het gezamenlijk ouderlijk gezag over de minderjarige te beëindigen en het gezag aan hem alleen toe te kennen. De rechtbank constateerde dat de ouders geen relatie meer hebben en nauwelijks contact, maar dat het gezamenlijk gezag op dit moment niet tot grote problemen leidt en de minderjarige niet klem of verloren dreigt te raken.
De rechtbank weegt mee dat beëindiging van het gezag van de moeder ertoe zou leiden dat zij geen informatie meer kan opvragen over de minderjarige, waardoor zij verder uit het leven van het kind zou verdwijnen. Dit acht de rechtbank niet in het belang van de minderjarige.
Daarnaast verzocht de moeder om een zorgregeling waarbij de minderjarige een weekend per veertien dagen en de helft van de vakanties bij haar zou verblijven. De rechtbank oordeelt dat er onvoldoende basis is voor een zorgregeling vanwege zorgen over de betrouwbaarheid en beschikbaarheid van de moeder, mede gelet op het niet nakomen van afspraken in het BOCS-traject en haar afwezigheid bij de zitting.
De rechtbank wijst de verzoeken af en benadrukt dat het aan de moeder is om haar betrouwbaarheid te tonen en beschikbaar te zijn voor de minderjarige, waarna in de toekomst contactherstel kan worden onderzocht.
Uitkomst: De rechtbank handhaaft het gezamenlijk gezag en wijst het verzoek om een zorgregeling af vanwege onvoldoende betrouwbaarheid van de moeder.