Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Uitspraak
De rechtbank
[slachtoffer]niet-ontvankelijk. Bepaalt dat de benadeelde partij de eigen proceskosten draagt.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte integraal vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten van medeplegen en medeplichtigheid aan verkrachting op of omstreeks 9 en 10 augustus 2021. Hoewel vaststaat dat het slachtoffer meermalen is gedwongen tot seksuele handelingen en verdachte daarbij aanwezig was, oordeelt de rechtbank dat het bewijs onvoldoende is voor een veroordeling.
De officier van justitie vorderde vrijspraak voor het primair ten laste gelegde, maar een taakstraf voor het subsidiair ten laste gelegde wegens opzettelijke behulpzaamheid. De verdediging stelde dat verdachte slechts aanwezig was en geen seksuele handelingen verrichtte, en dat het opzet ontbrak. De rechtbank volgt dit standpunt en acht geen sprake van nauwe en bewuste samenwerking (medeplegen).
De verklaring van het slachtoffer dat verdachte de benen vasthield en broek naar beneden trok, wordt door verdachte en medeverdachten weersproken. Hoewel moreel verwerpelijk, is het gedrag van verdachte onvoldoende voor strafrechtelijke aansprakelijkheid, mede gezien zijn jonge leeftijd en het overwicht van medeverdachten.
De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het feit niet bewezen is en de civiele rechter hiervoor bevoegd is. De rechtbank bepaalt dat het slachtoffer de eigen proceskosten draagt.
Het vonnis is gewezen door de meervoudige kamer op 3 mei 2024 te Assen.
Uitkomst: Verdachte wordt integraal vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs medeplegen en medeplichtigheid aan verkrachting.