Eiser diende op 11 januari 2023 een Woo-verzoek in bij de gemeente Leeuwarden gericht aan de gemeenteraad voor openbaarmaking van diverse stukken met betrekking tot de berekening van parkeerkosten en naheffingsaanslagen. Het primaire besluit van 7 februari 2023 werd genomen door het hoofd van de afdeling belastingen, die tevens optreedt als heffingsambtenaar. Eiser maakte bezwaar tegen het besluit omdat niet alle gevraagde gegevens waren verstrekt en het besluit onbevoegd was genomen.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit van 6 april 2023 door dezelfde heffingsambtenaar is genomen en daarmee bevoegd is. Echter is de hoorplicht geschonden omdat verweerder ten onrechte afzag van het horen van eiser op het bezwaar, terwijl het verzoek niet duidelijk was en niet volledig was ingewilligd. Hierdoor is eiser in zijn belangen geschaad.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen waarbij eiser in de gelegenheid wordt gesteld te worden gehoord. Tevens moet verweerder het griffierecht en proceskosten vergoeden aan eiser. Er is geen finale geschilbeslechting omdat de rechtbank zelf geen inhoudelijke beslissing neemt over de gevraagde informatie.