Uitspraak
- onder invloed van drugs, althans in een toestand als bedoeld in artikel 8, eerste of tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994
- dat voertuig te besturen zonder dat hij in het bezit was van het daarvoor vereiste (T) rijbewijs;
- en zonder dat hij de positionering van de heftruckvorken naar een veilige hoogte had aangepast, zodat deze zich op een hoogte van 88 cm boven het wegdek bevonden
- en zonder dat hij, mede gezien het slechte zicht ter plaatse en het type voertuig dat hij bestuurde, voldoende veiligheidsmaatregelen had genomen,
- en door vanaf het daar gelegen erf / de daar gelegen uitrit
- in voorwaartse rijrichting
- ( de berm van) het fietspad op te rijden
- en/of dat motorrijtuig met die heftruckvorken zodanig te positioneren, dat de vrije doorgang op dat fietspad ernstig werd belemmerd
- zonder de op dat fietspad (van rechts) komende bromfiets voor te laten gaan
- terwijl hij verkeerde onder invloed van drugs, althans in een toestand als bedoeld in artikel 8, eerste of tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994
- dat voertuig heeft bestuurd zonder dat hij in het bezit was van het daarvoor vereiste (T) rijbewijs;
- en zonder dat hij de positionering van de heftruckvorken naar een veilige hoogte had aangepast, zodat deze zich op een hoogte van 88 cm boven het wegdek bevonden
- en zonder dat hij, mede gezien het slechte zicht ter plaatse en het type voertuig dat hij bestuurde, voldoende veiligheidsmaatregelen had genomen,
- vanaf het daar gelegen erf / de daar gelegen uitrit
- in voorwaartse rijrichting
- ( de berm van) het fietspad is opgereden
- en/of dat motorrijtuig met die heftruckvorken zodanig heeft gepositioneerd, dat de vrije doorgang op dat fietspad ernstig werd belemmerd
- zonder de op dat fietspad (van rechts) komende bromfiets voor te laten gaan,
Voertuig 2
Conclusie
2.Onderzoek op plaats ongeval
4.Interpretatie en analyse
- dat voertuig te besturen zonder dat hij in het bezit was van het daarvoor vereiste (T) rijbewijs;
- en zonder dat hij de positionering van de heftruckvorken naar een veilige hoogte had aangepast, zodat deze zich op een hoogte van 88 cm boven het wegdek bevonden;
- en zonder dat hij, mede gezien het slechte zicht ter plaatse en het type voertuig dat hij bestuurde, voldoende veiligheidsmaatregelen had genomen;
- en door vanaf het daar gelegen erf / de daar gelegen uitrit;
- in voorwaartse rijrichting;
- de berm van het fietspad op te rijden;
- en dat motorrijtuig met die heftruckvorken zodanig te positioneren, dat de vrije doorgang op dat fietspad ernstig werd belemmerd;
- zonder de op dat fietspad van rechts komende bromfiets voor te laten gaan,
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.
groot 18 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op twee jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.