Op 16 april 2022 veroorzaakte verdachte een verkeersongeval op een autoweg waarbij hij met een snelheid tussen 141 en 176 km/u achterop een andere auto botste. Verdachte had alcohol gedronken en een ademalcoholgehalte van 550 microgram per liter uitgeademde lucht. Door het ongeval liep het slachtoffer lichamelijk letsel op dat tijdelijke ziekte veroorzaakte.
Verdachte verliet de plaats van het ongeval terwijl hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het slachtoffer letsel en schade had opgelopen. Tijdens de zitting verklaarde verdachte dat hij na een feestje in slaap was gevallen en tegen de vangrail was gereden.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte zeer onvoorzichtig en onoplettend heeft gereden onder invloed van alcohol en met een veel te hoge snelheid. De verdediging voerde aan dat een lage bloedsuikerspiegel het rijgedrag beïnvloedde, maar dit werd niet aannemelijk geacht.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 240 uur, een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden met een proeftijd van 2 jaar en een rijontzegging van 24 maanden waarvan 18 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar. Een schadevergoedingsmaatregel werd niet opgelegd wegens onvoldoende grondslag.
De straf houdt rekening met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, het lage risico op recidive en het feit dat verdachte zijn rijbewijs al zes maanden kwijt was. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen werden geacht.