Verzoeker heeft een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd en ontvangen voor zijn werkzaamheden als vrijwilliger bij een basketbalvereniging. De staatssecretaris heeft deze VOG op 23 juli 2024 ingetrokken wegens een administratieve fout en een herbeoordeling die bezwaren opleverde.
Verzoeker maakte bezwaar en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, omdat hij de VOG nodig heeft om zijn activiteiten als bestuurder, trainer/coach en vrijwilliger na de vakantie te hervatten. De voorzieningenrechter acht het spoedeisende belang aannemelijk en behandelt de zaak achter gesloten deuren.
De voorzieningenrechter overweegt dat de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens geen grondslag biedt voor intrekking van een VOG, tenzij sprake is van een evident onjuist besluit. De staatssecretaris heeft onvoldoende rekening gehouden met specifieke omstandigheden, zoals het reclasseringsadvies en afspraken binnen de basketbalvereniging die het risico beperken.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en het intrekkingsbesluit geschorst, waardoor de VOG voorlopig geldig blijft. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoeker.