De rechtbank Noord-Nederland heeft op 27 september 2024 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte wegens het overnemen en doorsturen van naaktfoto’s en een filmpje van een voormalige vriendin. Verdachte werd primair beschuldigd van openbaarmaking en het binnendringen in het Google-account van het slachtoffer, maar deze feiten werden niet bewezen verklaard.
Subsidiair werd bewezen verklaard dat verdachte opzettelijk en wederrechtelijk niet-openbare (privé)foto’s en filmpjes van het slachtoffer heeft overgenomen en doorgegeven. De rechtbank achtte dit strafbaar en veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 40 uren, met vervangende hechtenis bij niet-nakoming.
Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding van €1.000 toegewezen aan het slachtoffer wegens aantasting van haar eer en goede naam. De rechtbank verwierp het verweer van de verdediging dat de vordering niet-ontvankelijk zou zijn en matigde de straf niet, gelet op de ernst van het feit en de impact op het slachtoffer.
De rechtbank motiveerde haar oordeel met verklaringen van het slachtoffer en getuigen, waaruit bleek dat verdachte de beelden via bluetooth had overgedragen en doorgezonden aan een derde. De straf werd lager vastgesteld dan de eis van het openbaar ministerie vanwege de beperkte bewezenverklaring. Verdachte werd vrijgesproken van de overige ten laste gelegde feiten.