ECLI:NL:RBNNE:2024:4232
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- M. Brinksma
- H.J. Schuth
- E.R. van Slooten
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens aanwezig hebben van hennep en afwijzing ontnemingsvordering
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 25 oktober 2024 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, geboren in 1985, woonachtig te een adres. De officier van justitie had een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van €27.318,21 ingediend, gebaseerd op het vermeende telen van hennep.
Tijdens de terechtzitting van 11 oktober 2024 heeft de verdediging betoogd dat er geen oogst heeft plaatsgevonden en dat het aantreffen van gebruikte materialen niet bewijst dat er eerder geoogst is, mede vanwege het growshopverbod. De rechtbank heeft verdachte veroordeeld voor het aanwezig hebben van hennep, maar vrijgesproken van het telen van hennep.
Gezien de vrijspraak voor het telen en het ontbreken van bewijs dat verdachte voordeel heeft genoten uit het aanwezig hebben van hennep, heeft de rechtbank de vordering tot ontneming afgewezen. De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer onder voorzitterschap van M. Brinksma.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld voor aanwezig hebben van hennep; ontnemingsvordering afgewezen.