Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Raadsonderzoek
3.Standpunten van partijen
4.Beoordeling
5.Beslissing
fn: 679)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
In deze kortgedingprocedure vorderen pleegouders de terugkeer van de minderjarige naar hun pleeggezin nadat de moeder de verblijfplaats van de minderjarige zonder toestemming wijzigde. De Raad voor de Kinderbescherming bracht advies uit na onderzoek naar de opvoedsituatie en de zorgen over de behandeling van de pleegbroer en -zus van de minderjarige.
De Raad constateerde een hechtingsrelatie tussen de minderjarige en het pleeggezin en adviseerde het verblijf bij de pleegouders te handhaven, maar stelde dat nader onderzoek nodig is naar mogelijke secundaire traumatisering. De moeder betwistte de terugkeer vanwege het verslechterde contact met de pleegouders en het opvoedklimaat.
De voorzieningenrechter weegt het belang van de minderjarige voorop en concludeert dat het pleeggezin een veilige en vertrouwde omgeving biedt. Ondanks de zorgen over de pleegbroer en -zus zijn deze niet direct van invloed op de minderjarige. De plotselinge wijziging van verblijf door de moeder wordt onrechtmatig geoordeeld, maar de vordering tot vervangende toestemming wordt afgewezen.
De rechter beveelt de moeder om de minderjarige binnen een week terug te brengen naar het pleeggezin en stelt een termijn van zes maanden in voor verdere beoordeling. De proceskosten worden gecompenseerd. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldigheid en het voorkomen van abrupte wijzigingen in de verblijfplaats van de minderjarige.
Uitkomst: De moeder wordt veroordeeld om de minderjarige binnen een week terug te brengen naar het pleeggezin; de vordering tot vervangende toestemming wordt afgewezen.