Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 december 2024 in de zaak tussen
[eiser], uit [woonplaats], eiser
de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
€ 389,03per maand.
-85,47per maand.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
Informatie over hoger beroep
www.rechtspraak.nlhetzij door verzending per post aan de Centrale Raad van Beroep.
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving
beroepsonderwijs
€ 19.652,25] . Indien één van de ouders is overleden, geldt voor de andere ouder een dubbele vrije voet. Indien een mbo-student die niet geadopteerd is en die als ingezetene in de basisregistratie personen is ingeschreven, blijkens de basisregistratie personen slechts één ouder heeft of artikel 3.14 toepassing heeft gevonden, is de vorige volzin van overeenkomstige toepassing. Indien het in het peiljaar een ouder zonder partner betreft en voor hem geen dubbele vrije voet geldt, geldt voor hem in afwijking van de tweede volzin een vrije voet die naar de maatstaf van 1 januari 2014 gelijk is aan € 21.204,43 [Red: per 1 januari 2023: € 24.898,37] .
26%van het verschil tussen het toetsingsinkomen in het peiljaar en de vrije voet in het toekenningsjaar.
.€ 363voor ieder kind dat in het studiejaar dat aanvangt in het jaar voorafgaand aan het studiefinancieringstijdvak, onder de werking van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten of van artikel 2, derde tot en met vijfde lid, van de Wet op het kindgebonden budget valt.
€ 103,25en per 1 augustus 2023 met
€ 113,08per maand.