De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor het meermalen verkopen, afleveren en vervoeren van cocaïne in de periode van 7 februari tot 7 augustus 2024 in Drachten, alsmede voor het bezit van 4,39 gram cocaïne op 7 augustus 2024 te Leeuwarden. De feiten zijn wettig en overtuigend bewezen verklaard. Verdachte wordt vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen zijn.
De rechtbank heeft rekening gehouden met de ernst van de feiten, de recidive van verdachte die al eerder onherroepelijk was veroordeeld voor soortgelijke feiten, en de psychosociale kwetsbaarheid van verdachte. De verdediging voerde onder meer druk van medeverdachten aan en een vormverzuim in het onderzoek, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank acht een gevangenisstraf van tien maanden passend, met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Tevens zijn enkele inbeslaggenomen goederen verbeurd verklaard en andere teruggegeven. Daarnaast is de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf van 135 dagen gelast vanwege recidive.