ECLI:NL:RBNNE:2024:903
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verlenging begunstigingstermijn last onder dwangsom paardenhouderij
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen de verlenging van de begunstigingstermijn van een last onder dwangsom opgelegd aan derde-partij vanwege het gebruik van voorzieningen bij een paardenhouderij. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld en het belang van verzoekers, die overlast ervaren door stof- en geurhinder, afgewogen tegen het belang van derde-partij om de bezwaarprocedure af te wachten.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het belang van derde-partij om de bezwaarprocedure af te wachten zwaarder weegt dan het belang van verzoekers bij een kortere begunstigingstermijn. Tijdens controles is geen geur- of stofhinder geconstateerd en de last onder dwangsom richt zich uitsluitend op het beëindigen van het gebruik door derden van de paardenhouderijvoorzieningen, niet op het beëindigen van stof- en geurhinder.
Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De verlenging van de begunstigingstermijn tot zes weken na de beslissing op bezwaar blijft van kracht. Verzoekers krijgen het griffierecht niet terug en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlenging van de begunstigingstermijn wordt afgewezen.