ECLI:NL:RBNNE:2025:1012
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Betaling ontnemingsmaatregel wegens wederrechtelijk verkregen voordeel uit online handelsfraude en witwassen
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 25 februari 2025 uitspraak gedaan in een zaak waarin de officier van justitie vorderde dat veroordeelde een bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel zou betalen aan de staat. De vordering betrof het voordeel dat veroordeelde had genoten uit strafbare feiten van online handelsfraude en gewoontewitwassen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op het vonnis in de hoofdzaak waarin veroordeelde werd veroordeeld voor medeplegen van deze strafbare feiten. De berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel werd gebaseerd op de bedragen die op bankrekeningen stonden waarover veroordeelde beschikte, waarbij rekening werd gehouden met de verklaring van veroordeelde dat hij tien procent van de opbrengsten mocht behouden.
De rechtbank stelde het voordeel vast op €1.217,87 en legde veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen. De rechtbank wees erop dat aan benadeelde partijen toegekende vorderingen niet in mindering worden gebracht zolang deze niet zijn voldaan. Tevens werd de maximale duur van gijzeling vastgesteld op 24 dagen.
De beslissing werd genomen door een meervoudige strafkamer, waarbij één rechter niet kon medeondertekenen.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €1.217,87 aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.