Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van een supermarkt en 20 appartementen aan het Molenplein 1 te Ter Apel. De vergunning werd verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Westerwolde. Verzoeker betwist de vergunning en vordert schorsing van het besluit.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld op 5 maart 2025 en geoordeeld dat er geen sprake is van onverwijlde spoed. Vergunninghouder heeft verklaard niet voor 1 juni 2025 met de werkzaamheden te starten, waardoor er geen onomkeerbare gevolgen zijn voor die datum. Daarnaast is het bestreden besluit niet evident onrechtmatig, omdat de rechtbank in een tussenuitspraak het college de gelegenheid heeft gegeven om geconstateerde gebreken te herstellen.
Hoewel er gerede twijfel bestaat over de rechtmatigheid van het besluit, acht de voorzieningenrechter schorsing niet noodzakelijk. De uitspraak is bindend voor de voorlopige voorziening maar niet voor het bodemgeschil, waarin de beoordeling van de vergunning nog voortduurt. Verzoeker wordt erop gewezen dat een nieuw verzoek om voorlopige voorziening mogelijk is indien dat nodig blijkt.