Aan betrokkene was een boete opgelegd wegens het niet in stand houden van de vereiste verzekering voor een land- of bosbouwtrekker, geconstateerd bij een registercontrole op 10 mei 2023. Betrokkene stelde dat de trekker sinds circa 1980 verzekerd was en overlegde een document waaruit bleek dat de verzekering per 1 januari 2023 geldig was. De officier van justitie had het administratief beroep ongegrond verklaard, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 19 juni 2025 erkende de vertegenwoordigster van de officier van justitie dat het beroep gegrond was. De kantonrechter oordeelde dat de boete onterecht was opgelegd, omdat op de peildatum van 10 mei 2023 al een verzekering bekend was. De kantonrechter benadrukte dat dit bij de behandeling van het administratief beroep al bekend had moeten zijn bij de officier van justitie.
De boete werd vernietigd en de zekerheidstelling moet worden terugbetaald aan betrokkene. Tevens werd het Parket CVOM opgeroepen om beter te letten op dergelijke zaken om onnodige belasting van de Rechtspraak te voorkomen. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.