ECLI:NL:RBNNE:2025:2809
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen verlaging uitkering Participatiewet wegens niet-naleving re-integratieverplichtingen
Verzoeker ontvangt sinds september 2020 een uitkering op basis van de Participatiewet. Het college van burgemeester en wethouders heeft de uitkering meerdere malen verlaagd omdat verzoeker zich niet aan zijn re-integratieverplichtingen zou hebben gehouden. Na onderzoek door arbeidsmedisch adviseurs is vastgesteld dat verzoeker beperkte belastbaarheid heeft, maar het aangeboden werk is aangepast aan zijn beperkingen.
Verzoeker betwist dat hij onvoldoende meewerkt en voert aan dat psychische klachten onvoldoende zijn onderzocht. De voorzieningenrechter oordeelt dat het college voldoende onderzoek heeft gedaan naar zowel de fysieke als psychische gesteldheid van verzoeker en dat het werk passend is gemaakt. Verzoeker heeft onvoldoende gebruikgemaakt van de geboden mogelijkheden.
Het college stelt dat sprake is van recidive, omdat verzoeker na eerdere verlaging opnieuw niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. De voorzieningenrechter bevestigt dit en vindt de maatregel van 100% verlaging gedurende twee maanden proportioneel en rechtmatig. Verzoeker kan via de inkeerregeling de maatregel beëindigen door alsnog te voldoen aan zijn verplichtingen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlaging van de uitkering wordt afgewezen.