Verzoekers, ontheemden uit Oekraïne, verlieten de opvang in de gemeente Het Hogeland vanwege een overlijden in de familie en werden uitgeschreven uit de Basisregistratie Personen. Na terugkeer in Nederland vroegen zij het college om opnieuw opvang, maar dit werd geweigerd wegens gebrek aan opvangplaatsen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college op grond van de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) verantwoordelijk is voor opvang en dat de ontheemden opnieuw het registratie- en plaatsingsproces moeten doorlopen. De vraag was of het college een inspannings- of resultaatsverplichting heeft. De rechter concludeert dat uit de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming volgt dat sprake is van een resultaatsverplichting, waardoor het college verplicht is opvang te bieden, ook bij gebrek aan beschikbare plaatsen.
De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek toe en beveelt het college binnen 24 uur opvang te bieden tot zes weken na de beslissing op het bezwaar. Tevens worden griffierecht en proceskosten aan verzoekers vergoed. Deze voorlopige voorziening bindt de rechtbank niet in een eventueel bodemgeding.