ECLI:NL:RBNNE:2025:3172

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
31 juli 2025
Publicatiedatum
1 augustus 2025
Zaaknummer
18-224476-21
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging van voorwaarden terbeschikkingstelling met betrekking tot opname in een kliniek

In deze zaak heeft de rechtbank Noord-Nederland op 31 juli 2025 uitspraak gedaan over een vordering van de officier van justitie tot wijziging van de voorwaarden verbonden aan de terbeschikkingstelling van de veroordeelde. De veroordeelde, geboren in 1990, verblijft momenteel in een gesloten behandelafdeling en heeft te maken met verslavingsproblematiek en bijkomende psychiatrische problematiek. De officier van justitie heeft verzocht om de voorwaarden te wijzigen conform het advies van de reclassering, die heeft aangegeven dat de opname in een zorginstelling noodzakelijk is om het recidiverisico te verlagen. Tijdens de zitting op 17 juli 2025 waren de veroordeelde, zijn raadsvrouw, de officier van justitie en een vertegenwoordiger van de reclassering aanwezig. De rechtbank heeft de noodzaak van klinische behandeling bevestigd en besloten de voorwaarden te wijzigen, zodat de opname kan worden voortgezet. De rechtbank heeft daarbij de duur van de opname beperkt tot maximaal twee jaar, in lijn met de eerdere uitspraak van het gerechtshof. De rechtbank heeft gelet op artikel 38a van het Wetboek van Strafrecht en heeft de voorwaarden aangepast om de veiligheid van personen en goederen te waarborgen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht
Locatie Groningen
parketnummer 18-224476-21
beslissing van de meervoudige kamer d.d. 31 juli 2025 in de rechtbank Noord-Nederland op een vordering van de officier van justitie strekkende tot wijziging van de voorwaarden verbonden aan de terbeschikkingstelling van

[veroordeelde]

geboren op [geboortedatum] 1990 te [geboorteplaats] , thans verblijvende in de [instelling ] ,
hierna te noemen: veroordeelde.

Procesverloop

De officier van justitie heeft schriftelijk gevorderd dat de rechtbank de voorwaarden die aan de terbeschikkingstelling van veroordeelde zijn gesteld, zal wijzigen conform het advies van de reclassering.
De behandeling heeft plaatsgevonden op 17 juli 2025, waarbij aanwezig waren de veroordeelde, zijn raadsvrouw mr. J.A. Aaldijk, de officier van justitie mr. L. Hellinga en [naam] namens Reclassering Nederland.
De rechtbank heeft acht geslagen op de stukken, waaronder met name het advies van Reclassering Nederland van 12 juni 2025.

Motivering

De opgelegde terbeschikkingstelling
Bij arrest van 24 februari 2023 heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de veroordeelde wegens het medeplegen van opzettelijke brandstichting en het medeplegen van poging tot moord ter beschikking gesteld en daarbij voorwaarden gesteld. Onder meer heeft het hof bepaald dat:
3. De veroordeelde zich laat opnemen in [instelling ] of
een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt maximaal een jaar. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt veroordeelde mee aan de indicatiestelling en plaatsing.
De terbeschikkingstelling is aangevangen op 17 december 2024. Sinds deze datum is veroordeelde opgenomen in de [instelling ] .
Het advies van Reclassering Nederland
Reclassering Nederland heeft in haar advies onder meer het volgende aangegeven, zakelijk weergegeven:
Veroordeelde verblijft momenteel op de gesloten behandelafdeling [instelling ] , gericht op verslavingsproblematiek en bijkomende psychiatrische problematiek. Aanvankelijk was er bij veroordeelde bereidheid om mee te werken, maar nu duidelijk is dat hij nog geen vrijheden krijgt lijkt dit af te nemen. Op de afdeling kan hij vervelend zijn en klieren, waar hij moeilijk op aan te spreken is. Veroordeelde herkent zich niet in dit beeld en voelt zich niet gelijk behandeld. Over zijn denkbeelden is veroordeelde af en toe openhartig, maar zodra men doorvraagt of hem confronteert met zijn delict, reageert hij defensief en krijgt hij een negatieve houding.
Het lijkt erop dat veroordeelde zich tracht aan te passen, maar dit niet vast kan houden gedurende een langere periode. Dit wijst erop dat er met name sprake is van externe motivatie, in de zin van voegen naar wat een ander van hem vraagt ten behoeve van eigen gewin. Na de observatieperiode reageerde veroordeelde vaker met passieve agressie en was vaker sprake van bagatelliseren en externaliseren. Door een gebrek aan probleembesef ziet veroordeelde de ernst van zijn problematiek niet en lijkt hij deze ook enigszins te ontkennen. Veroordeelde is een beïnvloedbare man, die vanuit zijn behoefte om gezien te worden en ergens bij te horen kwetsbaar is voor extreme denkbeelden en het aanzetten tot gevaarlijk gedrag. Veroordeelde zal therapie volgen gericht op de behandeling van zijn pathologie. In de behandeling zal hij moeten leren om naar zijn eigen aandeel/gedrag te kijken.
Om het recidiverisico terug te dringen is het noodzakelijk dat het probleembesef en -inzicht wordt vergroot. Gezien de diverse pathologie die op elkaar inwerkt, zal het zeker enige jaren duren om vanuit het verkregen probleembesef en -inzicht te werken aan het vergroten van de vaardigheden en het
neerzetten van een adequaat prosociaal netwerk. Derhalve wordt het als onverantwoord gezien om de klinische fase van behandeling binnen een jaar af te schalen. Het risico op delictgedrag wordt gezien als onverminderd hoog indien controle, toezicht en beveiliging te snel wordt afgebouwd of wegvalt zonder dat er daadwerkelijk sprake is van een interne (gedrags)verandering.
De reclassering adviseert de bijzondere voorwaarde opname in een zorginstelling aan te passen en stelt onderstaande formulering voor:
Veroordeelde laat zich opnemen in [instelling ] of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing.
De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt.Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt veroordeelde mee aan de indicatiestelling en plaatsing.
Tijdens de behandeling ter zitting heeft de deskundige [naam] het advies nader toegelicht en het volgende aangegeven, zakelijk weergegeven: Veroordeelde heeft tijd nodig om te wennen en zijn plek te vinden. De afgelopen periode is de houding van veroordeelde positief. Men is nu bezig om de basis voor de behandeling te leggen. Veroordeelde zet daar stappen in, binnen een gesloten setting. Er zal toegewerkt worden naar een afdeling met een lager beveiligingsniveau en dan kan uiteindelijk gekeken worden naar bijvoorbeeld begeleid wonen. Dat gaat allemaal nog even duren, zeker enkele jaren. Een opname voor een jaar is daarom te kort.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De officier van justitie heeft gepersisteerd bij haar vordering tot wijziging van de gestelde voorwaarden conform het advies van de reclassering.
Het standpunt van de veroordeelde en zijn raadsvrouw
De veroordeelde en zijn raadsvrouw hebben ter zitting aangegeven zich niet te verzetten tegen de wijziging van de voorwaarden.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank stelt voorop dat de voorwaarde betreffende de opname in een zorginstelling deel uitmaakt van een reeks voorwaarden die strekt tot een doeltreffende behandeling van veroordeelde en tot het voorkomen van nieuwe strafbare feiten.
Uit het onderzoek ter terechtzitting en het advies van Reclassering Nederland komt naar voren dat behandeling in een klinische setting op dit moment nog noodzakelijk is om het recidiverisico terug te dringen. Zonder wijziging van de voorwaarde zou de grondslag voor de klinische opname op 18 december 2025 komen te vervallen. Dat acht de rechtbank met het oog op de algemene veiligheid van personen en goederen onwenselijk. De rechtbank zal de voorwaarde daarom wijzigen zodat de klinische behandeling kan worden voortgezet.
Naar het oordeel van de rechtbank dient uit de formulering wel een concrete duur te blijken. De rechtbank betrekt hierbij dat het hof bij oplegging van de tbs-maatregel de tijdsduur van een opname in een [instelling ] of soortgelijke zorginstelling uitdrukkelijk heeft beperkt tot een jaar. De rechtbank zal de voorwaarde daarom zo wijzigen dat de totale duur van de opname beperkt is tot maximaal twee jaar.
Omdat veroordeelde is opgenomen in [instelling ] en niet in [instelling ] , zoals in de huidige voorwaarde vermeld, zal de rechtbank ook dit onderdeel van de voorwaarde wijzigen.
De rechtbank heeft gelet op artikel 38a van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank wijzigt de voorwaarden die bij de maatregel tot terbeschikkingstelling zijn gesteld, waardoor de voorwaarden thans komen te luiden:
1. De veroordeelde, ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking
verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.
2. De veroordeelde meewerkt aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in dat:
3. de veroordeelde zich meldt op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe
vaak dat nodig is. De reclassering bepaalt daarnaast welke gespreksonderwerpen van belang zijn om een inschatting te kunnen maken van de recidive- en veiligheidsrisicos. Veroordeelde moet op een constructieve wijze meewerken aan deze gesprekken en openheid van zaken geven over de door de reclassering bepaalde gespreksonderwerpen, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.
- de veroordeelde zich houdt aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan
aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om veroordeelde te helpen bij het naleven van de voorwaarden.
  • de veroordeelde de reclassering helpt aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid.
  • de veroordeelde meewerkt aan huisbezoeken.
  • de veroordeelde de reclassering inzicht geeft in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners.
  • de veroordeelde zich niet vestigt op een ander adres zonder toestemming van de reclassering.
  • de veroordeelde meewerkt aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties
die contact hebben met veroordeelde, als dat van belang is voor het toezicht. Veroordeelde geeft zicht op zijn sociale contacten en geeft de reclassering toestemming om, eventueel ook
in afwezigheid van veroordeelde zelf, contact met hen te hebben als dat in het belang is voor het toezicht
3. De veroordeelde zich laat opnemen in [instelling ] of
een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt
maximaal twee jaar. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt veroordeelde mee aan de indicatiestelling en plaatsing.
4. De veroordeelde zich, na afloop van het klinische traject, indien geïndiceerd
door de behandelaar, laat behandelen bij een nader te bepalen forensische polikliniek of zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt zolang de behandelaar en de reclassering dat nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling.
5. De veroordeelde in een instelling voor beschermd wonen verblijft, te bepalen door de
justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld.
6. De veroordeelde meewerkt aan controle van het gebruik van alcohol en harddrugs om het
middelengebruik te beheersen. De controle gebeurt door middel van urineonderzoek en/of ademanalyse. De reclassering bepaalt hoe vaak veroordeelde wordt gecontroleerd.
7. De veroordeelde zicht geeft op zijn sociale contacten en de reclassering toestemming
geeft om, eventueel ook in afwezigheid van veroordeelde zelf, contact met hen te hebben als dat in het belang is voor het toezicht.
8. De veroordeelde op geen enkele wijze - direct of indirect - contact heeft of zoekt met
[naam] ( [geboortedatum] ) en [naam] ( [geboortedatum] ) zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt, behoudens eventuele gesprekken of
brievenuitwisseling gevoerd of verstuurd onder begeleiding van een mediator of in het kader van herstelbemiddeling voor zover aangevers daarvoor openstaan.
Draagt de reclassering op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.
Deze beslissing is gegeven door mr. M.O. Thijsen, voorzitter, mr. L.W. Janssen en mr. M.M. Spooren, rechters, bijgestaan door mr. J.H. Nieboer, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 31 juli 2025.