ECLI:NL:RBNNE:2025:3834
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- M. Hidding
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen boete voor parkeren op groenstrook
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het parkeren van een auto op een groenstrook, een overtreding van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Betrokkene stelde dat er sprake was van een onduidelijke situatie door bebording en dat hij gebruikmaakte van een extra parkeerhaven die door woonbootbewoners werd gebruikt. Ook wees hij op een eerdere vernietigde boete voor eenzelfde overtreding door zijn partner.
De kantonrechter oordeelde dat de plek waar betrokkene parkeerde duidelijk geen onderdeel is van de parkeerhaven, maar een groenstrook met gras, beplanting en een verhoogde trottoirband. Parkeren op een groenstrook is verboden volgens de Algemene Plaatselijke Verordening Groningen. De bebording waarop betrokkene zich baseerde, was niet van toepassing op de plek waar hij parkeerde.
De kantonrechter concludeerde dat de verkeersovertreding vaststaat en dat er geen aanleiding is de boete te matigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De kantonrechter kon geen uitspraak doen over een andere boete die door de officier van justitie was vernietigd, omdat de omstandigheden daarvan onbekend waren.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor parkeren op een groenstrook wordt ongegrond verklaard.