ECLI:NL:RBNNE:2025:5072
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning voor halfverharding bij schuur binnen woonbestemming
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft een omgevingsvergunning voor het veranderen van de erfinrichting aan een adres in een woonbestemming, waarbij een halfverharding aan de achterzijde van een schuur is aangebracht. Eisers maakten bezwaar tegen de vergunningverlening en stelden dat de kruimelgevallenregeling niet toegepast had mogen worden en dat de vergunning strijdig zou zijn met de goede ruimtelijke ordening.
De rechtbank stelt vast dat het gebruik van de kruimelgevallenregeling terecht is toegepast omdat het bouwwerk (de schuur) binnen de woonbestemming is toegestaan en de halfverharding functionele samenhang heeft met dit bouwwerk. De rechtbank oordeelt dat het college zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de erfinrichting niet in strijd is met de goede ruimtelijke ordening, mede omdat de verharding qua materiaal en uitstraling aansluit bij het landschapsbeeld en nauwelijks waarneembaar is.
Verder wijst de rechtbank de bezwaren van eisers af over het gebruik van het Boermarkepad, het vermeende bedrijfsmatige gebruik van de verharding en de belangenafweging met betrekking tot overlast en mesthopen. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en de vergunning in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.