ECLI:NL:RBNNE:2025:5175
Rechtbank Noord-Nederland
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens eerdere betrokkenheid
In deze bestuursrechtelijke procedure bij de Rechtbank Noord-Nederland heeft mr. C.H. de Groot een verzoek tot verschoning ingediend. Hij is een van de behandelend rechters in de meervoudige kamer die de hoofdzaak zal behandelen, maar was reeds als voorzieningenrechter betrokken bij een eerder stadium van dezelfde zaak.
De rechtbank beoordeelt het verzoek op basis van artikel 8:20 Awb Pro en stelt vast dat verschoning kan worden toegewezen zonder mondelinge behandeling. De kern van het verzoek is dat de rechter zich niet vrij voelt om onpartijdig te oordelen vanwege zijn eerdere betrokkenheid.
De verschoningskamer overweegt dat het waarborgen van onafhankelijkheid en onpartijdigheid essentieel is en dat ook de schijn van partijdigheid zwaarwegend kan zijn. Gezien de omstandigheden acht de kamer het verzoek gegrond en wijst het toe. De behandeling van de hoofdzaak zal worden voortgezet door een andere rechter, waarbij het proces wordt voortgezet in de stand van het moment van het verzoek.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 december 2025 en er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van mr. C.H. de Groot wordt toegewezen en de hoofdzaak wordt voortgezet door een andere rechter.