ECLI:NL:RBNNE:2025:544
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter bij verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing
De verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen rechter F.V. Marquenie, belast met de behandeling van een verlenging van de ondertoezichtstelling en een verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van haar kinderen. Zij stelde dat de rechter vooringenomen was omdat zij tijdens de mondelinge behandeling niet uit kon spreken, haar dochter niet was uitgenodigd voor een gesprek en de verzoeken tot verlenging te laat waren ingediend.
De rechter verweerde zich door te stellen dat er geen concrete feiten of omstandigheden zijn die vooringenomenheid aantonen. De rechter benadrukte dat het stellen van kritische vragen en het beperken van het debat tot relevante stellingen binnen zijn taken valt. De wrakingskamer beoordeelde het verzoek aan de hand van artikel 36 Rv Pro en artikel 6 EVRM Pro, waarbij de onpartijdigheid van de rechter wordt vermoed tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel bewijzen.
De rechtbank concludeerde dat het proces-verbaal van de zitting een evenwichtige behandeling toont waarbij de verzoekster voldoende gelegenheid had haar standpunten te uiten. Het niet uitnodigen van de dochter voor een gesprek en het uitblijven van een onmiddellijke beslissing over ontvankelijkheid zijn onvoldoende om vooringenomenheid aan te nemen. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd voortgezet in de bestaande stand.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor vooringenomenheid.